Start-Up Money
Middels Start-Up Money stimuleert de Alliantie Voeding innovatie projecten die passen binnen de doelstelling van de Alliantie Voeding Gelderse Vallei. Start-Up Money is een startsubsidie, die kan worden aangewend voor bijvoorbeeld het uitwerken van een projectvoorstel t.b.v. een subsidieaanvraag, of voor het doen van pilot-onderzoek
Tijdens de werkconferentie 'Food for Thought' van 1 december 2010 zijn de zes gehonoreerde projecten bekend gemaakt. Hieronder treft u korte projectbeschrijvingen aan.
Ronde 2010
2010 - Start-Up project 1
Verkorten van de directe pre-operatieve nuchtere fase: effect van erythromycine op de pre-operatieve maagontlediging.
Ben Witteman (ZGV) & Nicole de Roos (WUR)
Een goede preoperatieve voedingsstatus leidt tot een afname van postoperatieve complicaties en opnameduur. Om aspiratie tijdens de operatie te voorkomen worden patiënten (vaak langdurig) nuchter gehouden. Daarbij blijkt meer dan 20% van de patiënten preoperatief al aan ondervoeding te lijden als gevolg van hun onderliggende ziekte. De lange nuchtere preoperatieve periode heeft een negatief effect op de postoperatieve glucosetolerantie en op het welzijn van de patiënt. Uit enkele onderzoeken blijkt dat het verkorten van de directe preoperatieve fase een gunstig effect heeft op het postoperatieve herstel. Echter het risico op aspiratie tijdens de operatie neemt toe met het verkorten van de preoperatieve nuchtere periode. Wellicht is het met behulp van erythromycine mogelijk de preoperatieve nuchtere fase te verkorten, zonder dat de kans op aspiratie toeneemt. Erythromycine is namelijk naast een antibioticum ook een zeer sterke motiline agonist met een sterk prokinetische werking. In de praktijk wordt dit medicament gebruikt voor de behandeling van diabetische gastroparese en voor het snel ontledigen van de maag bij maagbloedingen zodat betere endoscopische inspectie- en behandeling mogelijk is. Erythromycine leidt bij gezonde vrijwilligers tot een significant versnelde maagontleding. Het effect van erythromycine op de maagontleding bij verschillende patiëntengroepen in de pre-operatieve fase is onvoldoende onderzocht. In deze pilot willen we het effect van erythromycine op de maagontlediging meten in de directe pre-operatieve fase. De te onderzoeken patiëntengroepen zijn: patiënten met darmkanker die een darmresectie ondergaan (coloncare traject), oudere orthopedische patiënten die een heup-operatie zullen ondergaan. En acute patiënten (SEH) die binnen 12 uur geopereerd zullen worden.
Ben Witteman (ZGV) & Nicole de Roos (WUR)
Een goede preoperatieve voedingsstatus leidt tot een afname van postoperatieve complicaties en opnameduur. Om aspiratie tijdens de operatie te voorkomen worden patiënten (vaak langdurig) nuchter gehouden. Daarbij blijkt meer dan 20% van de patiënten preoperatief al aan ondervoeding te lijden als gevolg van hun onderliggende ziekte. De lange nuchtere preoperatieve periode heeft een negatief effect op de postoperatieve glucosetolerantie en op het welzijn van de patiënt. Uit enkele onderzoeken blijkt dat het verkorten van de directe preoperatieve fase een gunstig effect heeft op het postoperatieve herstel. Echter het risico op aspiratie tijdens de operatie neemt toe met het verkorten van de preoperatieve nuchtere periode. Wellicht is het met behulp van erythromycine mogelijk de preoperatieve nuchtere fase te verkorten, zonder dat de kans op aspiratie toeneemt. Erythromycine is namelijk naast een antibioticum ook een zeer sterke motiline agonist met een sterk prokinetische werking. In de praktijk wordt dit medicament gebruikt voor de behandeling van diabetische gastroparese en voor het snel ontledigen van de maag bij maagbloedingen zodat betere endoscopische inspectie- en behandeling mogelijk is. Erythromycine leidt bij gezonde vrijwilligers tot een significant versnelde maagontleding. Het effect van erythromycine op de maagontleding bij verschillende patiëntengroepen in de pre-operatieve fase is onvoldoende onderzocht. In deze pilot willen we het effect van erythromycine op de maagontlediging meten in de directe pre-operatieve fase. De te onderzoeken patiëntengroepen zijn: patiënten met darmkanker die een darmresectie ondergaan (coloncare traject), oudere orthopedische patiënten die een heup-operatie zullen ondergaan. En acute patiënten (SEH) die binnen 12 uur geopereerd zullen worden.
2010 - Start-Up project 2
Kan pre-operatieve Vitamine D suppletie het postoperatieve herstel van de spierfunctie in patiënten die een grote abdominale of thoracal operatie ondergaan verbeteren?
Nicole de Roos (WUR) & Jaap Dronkers (ZGV)
Preoperatief fysiek functioneren is een belangrijke voorspeller van postoperatief herstel. In Ziekenhuis Gelderse Vallei worden patiënten voorafgaand aan een grote abdominale of thoracale chirurgie gescreend op fysieke zwakheid. Indien nodig wordt therapeutische training aangeboden voorafgaand aan de operatie. Optimale resultaten kunnen alleen behaald worden als patiënten een adequate voedingstoestand hebben. In de Profyt3 studie bleek dat in een willekeurige steekproef van 10 patiënten, de pre-operatieve vitamine D-concentraties lager waren dan gewenst. Dit is zorgwekkend, omdat voldoende vitamine D-concentratie essentieel is voor een optimale spierfunctie. In een pilot studie willen we onderzoeken of vitamine D-suppletie bij patiënten met te weinig Vitamine D het postoperatief herstel van de fysieke functie kan verbeteren. Hierin vergelijken we de gegevens van 25 niet gesuppleerde chirurgische patiënten met die van 25 vitamine D-gesuppleerde patiënten. Als een gunstig effect van vitamine D wordt gevonden, is het wenselijk een gerandomiseerde gecontroleerde trial op te zetten.
Nicole de Roos (WUR) & Jaap Dronkers (ZGV)
Preoperatief fysiek functioneren is een belangrijke voorspeller van postoperatief herstel. In Ziekenhuis Gelderse Vallei worden patiënten voorafgaand aan een grote abdominale of thoracale chirurgie gescreend op fysieke zwakheid. Indien nodig wordt therapeutische training aangeboden voorafgaand aan de operatie. Optimale resultaten kunnen alleen behaald worden als patiënten een adequate voedingstoestand hebben. In de Profyt3 studie bleek dat in een willekeurige steekproef van 10 patiënten, de pre-operatieve vitamine D-concentraties lager waren dan gewenst. Dit is zorgwekkend, omdat voldoende vitamine D-concentratie essentieel is voor een optimale spierfunctie. In een pilot studie willen we onderzoeken of vitamine D-suppletie bij patiënten met te weinig Vitamine D het postoperatief herstel van de fysieke functie kan verbeteren. Hierin vergelijken we de gegevens van 25 niet gesuppleerde chirurgische patiënten met die van 25 vitamine D-gesuppleerde patiënten. Als een gunstig effect van vitamine D wordt gevonden, is het wenselijk een gerandomiseerde gecontroleerde trial op te zetten.
2010 - Start-Up project 3
De Vet Hart Studie : inflammatie en epicardiaal vet.
Arieke Janse (ZGV) & Edith Feskens (WUR)
Obesitas (ernstig overgewicht) op de kinderleeftijd vormt een toenemend probleem. De gevolgen van obesitas voor het kind en de toekomstige volwassene kunnen ernstig zijn. Het leidt onder andere tot een verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Obesitas leidt bij volwassenen tot chronische ontsteking. Hierdoor ontstaat er schade aan bloedvaten, wat het risico op hart- en vaatziekten vergroot. Ook bij jonge obese kinderen zijn er aanwijzigen voor een verhoging van ontstekingsmarkers in het bloed. Om hier meer inzicht te krijgen zal er in deze studie gekeken worden naar de mate van ontsteking bij jonge kinderen met obesitas.
Arieke Janse (ZGV) & Edith Feskens (WUR)
Obesitas (ernstig overgewicht) op de kinderleeftijd vormt een toenemend probleem. De gevolgen van obesitas voor het kind en de toekomstige volwassene kunnen ernstig zijn. Het leidt onder andere tot een verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Obesitas leidt bij volwassenen tot chronische ontsteking. Hierdoor ontstaat er schade aan bloedvaten, wat het risico op hart- en vaatziekten vergroot. Ook bij jonge obese kinderen zijn er aanwijzigen voor een verhoging van ontstekingsmarkers in het bloed. Om hier meer inzicht te krijgen zal er in deze studie gekeken worden naar de mate van ontsteking bij jonge kinderen met obesitas.
Daarnaast zal in deze studie het epicardiale vet (vet rondom het hart) worden gemeten. Uit onderzoek bij volwassenen blijkt de hoeveelheid epicardiaal vet samen te hangen met hart- en vaatziekten. Het lijkt in de hartspier en de bloedvaten lokaal te werken en stofjes uit te scheiden die zorgen voor lichte ontsteking. Dit kan een additioneel verhoogde kans op hart- en vaatziekten geven. De waarde van dit vet bij kinderen met obesitas of overgewicht is nog niet onderzocht en de relatie tussen de mate van ontsteking en het epicardiale vet is nog niet bestudeerd. In dit project zal het epicardiale vet gemeten worden door middel van een echografie van het hart. Er zal bloed worden afgenomen (tijdens een reguliere bloedafname) voor het bepalen van de pro- en anti-inflammatoiremarkers. We willen vaststellen of bij kinderen met obesitas of overgewicht de hoeveelheid epicardiaal vet en de mate van ontsteking in het bloed verhoogd zijn. Daarnaast willen we onderzoeken hoe de mate van ontsteking en het epicardiaal vet reageren op behandeling en hoe de samenhang is van deze twee metingen. Deze metingen zullen plaatsvinden bij kinderen met obesitas en overgewicht in de leeftijd van 3 tot 8 jaar die deelnemen aan het behandelprogramma AanTafel! bij de start, na het intensieve gedeelte en aan het einde van het programma.
2010 - Start-Up project 4
Opzetten ‘double labelled water’ methode voor energie inname.
Edith Feskens (WUR) & Andre Janse (ZGV)
Het meten van de inname van calorieën (=energie) bij mensen is erg lastig. Meestel gebruiken we vragenlijsten of interviews. Er is echter een nieuwe methode om bij mensen precies vast te stellen hoeveel energie ze verbranden, en zo kunnen we de energiebehoefte schatten. Deze methode willen we graag in het kader van de Alliantie opzetten. Dit willen we doen door deze methode (DLW - gebruik makend van dubbel-gemerkt water) toe te passen op 50 proefpersonen. Van deze mensen nemen we dan ook vragenlijsten af, en zij moeten 4 maal gedurende 14 dagen een urinemonster afstaan. Voorafgaand hieraan krijgen zij een wateroplossing met stabiele isotopen van waterstof en zuurstof te drinken. De monsters zullen in Groningen en in Wageningen worden doorgemeten. In Groningen heeft men zeer veel ervaring met het meten van de stabiele isotopen. De resultaten kunnen we gebruiken om onze vragenlijst voor energie te valideren. Daarnaast ontwikkelen we zo de expertise en de methode in Wageningen. Daarna kunnen we hiermee bij patiënten met ondervoeding (zoals ouderen) of overvoeding (patiënten met obesitas) precies vaststellen wat hun energiebehoefte is, en daarop de voeding aanpassen.
Edith Feskens (WUR) & Andre Janse (ZGV)
Het meten van de inname van calorieën (=energie) bij mensen is erg lastig. Meestel gebruiken we vragenlijsten of interviews. Er is echter een nieuwe methode om bij mensen precies vast te stellen hoeveel energie ze verbranden, en zo kunnen we de energiebehoefte schatten. Deze methode willen we graag in het kader van de Alliantie opzetten. Dit willen we doen door deze methode (DLW - gebruik makend van dubbel-gemerkt water) toe te passen op 50 proefpersonen. Van deze mensen nemen we dan ook vragenlijsten af, en zij moeten 4 maal gedurende 14 dagen een urinemonster afstaan. Voorafgaand hieraan krijgen zij een wateroplossing met stabiele isotopen van waterstof en zuurstof te drinken. De monsters zullen in Groningen en in Wageningen worden doorgemeten. In Groningen heeft men zeer veel ervaring met het meten van de stabiele isotopen. De resultaten kunnen we gebruiken om onze vragenlijst voor energie te valideren. Daarnaast ontwikkelen we zo de expertise en de methode in Wageningen. Daarna kunnen we hiermee bij patiënten met ondervoeding (zoals ouderen) of overvoeding (patiënten met obesitas) precies vaststellen wat hun energiebehoefte is, en daarop de voeding aanpassen.
2010 - Start-Up project 5
Vitamine K status dialyse patiënten.
Geert Feith (ZGV) & Nicole de Roos (WUR)
Een slechte vitamine K status verhoogt waarschijnlijk de kans op aderverkalking. Bij dialysepatiënten wordt vroegtijdige aderverkalking gezien waardoor onderzoek naar hun vitamine K status van belang lijkt. We hebben uitgezocht wat goede markers voor vitamine K status zijn, en willen deze laten bepalen in een steekproef van dialysepatiënten. Bij deficiënties is suppletie wellicht een mogelijkheid om aderverkalking te vertragen.
Geert Feith (ZGV) & Nicole de Roos (WUR)
Een slechte vitamine K status verhoogt waarschijnlijk de kans op aderverkalking. Bij dialysepatiënten wordt vroegtijdige aderverkalking gezien waardoor onderzoek naar hun vitamine K status van belang lijkt. We hebben uitgezocht wat goede markers voor vitamine K status zijn, en willen deze laten bepalen in een steekproef van dialysepatiënten. Bij deficiënties is suppletie wellicht een mogelijkheid om aderverkalking te vertragen.
2010 - Start-Up project 6
Een raamwerk voor onderzoek naar de complexe interactie tussen kanker en voeding.
Henk van Halteren (ZGV) & Ellen Kampman (WUR)
Henk van Halteren (ZGV) & Ellen Kampman (WUR)
Bij kankerpatiënten speelt de voedingstoestand een centrale rol in de complexe interactie tussen gastheer en tumor en is daarmee cruciaal voor de slaagkans van therapie en de uiteindelijke overleving. Momenteel is het onderzoeksveld van de Alliantie Voeding op het gebied van de interactie tussen kanker en voeding nog te versplinterd. Wel liggen er volop kansen: Aan de ene kant staat een groot algemeen ziekenhuis, dat zich op oncologisch terrein wil afficheren en aan de andere kant een Universiteit die het onderzoek kan voeden met een hoeveelheid aan basale kennis (epidemiologie, statistiek etc.) en onderzoekers uit meerdere velden. Ons voorstel is dan ook om aan de hand van vier onderzoekslijnen vier onderzoeks-groepen te formeren. De vier onderzoeksgroepen ontwikkelen een lange termijn visie voor hun onderzoekslijn, die een voortgaande stroom van relevant wetenschappelijk onderzoek mogelijk maakt. De volgende vier onderzoekslijnen zijn voorgesteld:
1) Ondergewicht en onderbehandeling.
2) Kanker cachexie
3) Overgewicht en agressiever tumorgedrag.
4) Overgewicht en onderbehandeling
Ronde 2009
2009 - Start-Up project 1
Postprandial inflammatory response: effect of body fat distribution (PIFA).
Jeroen Nikken (ZGV) & Marco Mensink (WUR)
Jeroen Nikken (ZGV) & Marco Mensink (WUR)
2009 - Start-Up project 2
Wordt agressiever tumorgedrag bij vrouwen met borstkanker en overgewicht verklaard door hyperinsulinisme? Pilot studie naar de haalbaarheid van onderzoek binnen de alledaagse praktijk.
Henk van Halteren (ZGV) & Ellen Kampman (WUR)
2009 - Start-Up project 3
COLON-studie, Colorectal cancer: Longitudinal study on Nutritional and lifestyle factors that influence colorectal tumour recurrence, survival and quality of life.
Flip Kruyt (ZGV) & Renate van den Borne-Winkels (WUR)
2009- Start-Up project 4
Jonge kinderen met obesitas en overgewicht: epicardiaal vet, een nieuwe marker, voor en na behandeling.
Arieke Janse (ZGV) & Edith Feskens (WUR)
2009- Start-Up project 5
Uitgebreide fenotypering van een cohort mensen met overgewicht en overtollig buikvet.
Rik Heijligenberg (ZGV) & Michael Müller (WUR)
Rik Heijligenberg (ZGV) & Michael Müller (WUR)


