11 NOVEMBER 2021

Onderzoek naar de rol van de diëtist binnen COVID-herstelzorg

Mensen die restklachten hebben na een COVID-infectie kunnen bij de paramedicus een (langere) behandeling volgen die tijdelijk vergoed wordt vanuit de basisverzekering. In een evaluatie-onderzoek van deze zorg werken verschillende partners samen om meer inzicht te krijgen welke herstelzorg of combinatie van zorg het beste helpt. Promovendus Anne Slotegraaf van Wageningen University & Research wil binnen dit onderzoek ook de diëtist meer op de kaart zetten: ‘Ik hoop dat deze studie bijdraagt aan wetenschappelijke bewijs dat diëtistisch handelen als onderdeel van herstelzorg van COVID-19 zin heeft.’

Onderzoek naar de rol van de diëtist binnen COVID-herstelzorg

De diëtist kan ook bij restklachten na een COVID-infectie ondersteuning bieden

Afhankelijk van de klachten worden mensen met Long-COVID door de huisarts doorverwezen naar een paramedicus: de ergo-, oefen- of fysiotherapeut, logopedist, diëtist of een combinatie daarvan. Het aantal vergoede sessies dat al dan niet wordt betaald vanuit de basisverzekering is vaak onvoldoende bij restklachten na een COVID-infectie. Daarom vergoedt de overheid sinds 18 juli 2021 tijdelijk deze zorg.

Vliegende start

In maart 2021 ging het onderzoek van start. ‘We hadden in heel korte tijd al meer dan 1400 deelnemers waardoor we de inclusie al ruim hadden behaald. Het is niet vreemd dat we zo snel veel participanten hadden, want er zijn waarschijnlijk tienduizenden mensen met restklachten in Nederland die daarvoor hulp zoeken,’ legt Anne uit. ‘Je hoort niet veel over mensen met restklachten, ook omdat ze vaak milde corona hebben gehad en bijvoorbeeld niet in het ziekenhuis hebben gelegen. Maar het is echt een grote groep mensen die dagelijks veel problemen ervaart.’ En daarom is het zo belangrijk dat de herstelzorg wordt onderzocht, vindt Anne.

Meetmomenten

Alle deelnemers krijgen via een speciaal voor dit onderzoek ontwikkelde app vragenlijsten toegezonden om de kwaliteit van leven te meten, participatie in de maatschappij, vermoeidheid, medische kosten, angst en depressie en fysiek functioneren. ‘Deelnemers vullen deze vragenlijsten in bij de start van de behandeling, na drie, zes, negen en twaalf maanden,’ vertelt Anne. Daarnaast vult de paramedicus meetgegevens in op zijn versie van de app voor en na de behandeling. De onderzoekers benutten zoveel mogelijk gegevens die de paramedicus toch al verzamelt voor de behandeling: bij een fysiotherapeut zijn dat bijvoorbeeld uitkomsten van de zes minuten wandeltest, bij de diëtist gegevens over reuk- en smaakverandering.

Samenwerking

Ook wordt er in het onderzoek onderscheid gemaakt tussen mono- en multidisciplinaire behandelingen. Bij een multidisciplinaire behandeling kunnen de paramedici elkaars meetgegevens zien. En dat sluit volgens Anne aan op de behoefte aan meer data-uitwisseling. Ze vult aan: ‘Er zijn al behandelaren die multidisciplinair werken, maar het gebeurt ook heel vaak niet. Ik hoop dat het onderzoek bijdraagt aan betere en meer samenwerking, meer onderlinge doorverwijzing, betere gegevensuitwisseling en dat het onderzoek laat zien wat multidisciplinaire samenwerking oplevert.’ Aan die samenwerking wordt al hard gewerkt omdat voor dit onderzoek alle beroepsverenigingen met elkaar om tafel zitten. ‘Het is voor het eerst dat alle beroepsverenigingen en -groepen in zo’n groot consortium verenigd zijn,’ zegt Anne. Daarnaast werken ook RadboudUMC, Nivel, Amsterdam UMC, Maastricht University, Maastricht UMC+, Longfonds, Vrije Universiteit Amsterdam, Hogeschool Utrecht en Hogeschool van Arnhem en Nijmegen in dit onderzoek met elkaar samen.

Draagvlak

Het werkveld verleent haar volledige medewerking aan dit onderzoek en dat is mooi om te zien, vindt Anne. ‘We doen onderzoek in en mét de praktijk. Behandelaren zijn bereid extra administratie te doen om een steentje bij te kunnen dragen aan de wetenschappelijke onderbouwing van COVID-herstelzorg, en dat terwijl de zorgprofessionals in de praktijk vaak niet gewend zijn om mee te werken aan wetenschappelijk onderzoek.’

Diëtist op de kaart

Anne hoopt met het onderzoek ook meteen de meerwaarde van de diëtist aan te tonen. ‘Er wordt veel sneller aan een behandeling bij de fysiotherapeut gedacht dan aan een diëtist, terwijl zij ook bij deze klacht ondersteuning kunnen bieden.’ Zo kan de diëtist in geval van Long-COVID helpen bij geur- en smaakverstoringen, slikproblemen, gewichtsverandering, darmklachten, vermoeidheid, afnemende spiermassa en vermoeidheid.

Inauguratie eerste hoogleraar diëtetiek in Nederland

Ook de inauguratie van de eerste hoogleraar diëtetiek in Nederland draagt bij aan meer evidence based diëtetiek. Toen bijna anderhalf jaar geleden professor Marian de van der Schueren aan WUR werd aangesteld werd een brug gelegd tussen fundamentele voedings- en medische wetenschappen en de diëtetiekpraktijk. Het is de bedoeling dat kennis beter kan landen in de praktijk. Donderdag 11 november is Marians inauguratie met als titel ‘The proof of the pudding is in the eating’, die die dag live te volgen is via WUR.

Anne Slotegraaf is een van haar promovendi. ‘Marian heeft echt de ambitie het werkveld vooruit te helpen met meer evidence based behandeltrajecten en daar ben ik heel blij om,’ vertelt Anne. Naast Marian wordt Anne begeleid door Edith Feskens, professor Global Nutrition bij Wageningen University & Research en Hinke Kruizenga, diëtist-onderzoeker Amsterdam UMC.

Meer lezen


#Webinar #FHT21 | Wat een mooie sessie met resultaten op voedingsaanbod en advies in het ziekenhuis, ‘Landelijke im… https://t.co/TRxqXAj943
#Webinar | We zijn weer goed vertegenwoordigd tijdens het webinar Zorg & Voeding, met onder andere @ZorgProefJe en… https://t.co/GyHWBC66v7
#Webinar | In het tweede deel vonden drie workshops plaats gericht op MBO, HBO en WO zorgopleidingen. Hier werd bes… https://t.co/CGZLF65Og9

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief!

Elke 6-8 weken verschijnt onze digitale nieuwsbrief.

Bekijk hier de laatste nieuwsbrief

Uw persoonsgegevens worden conform onze Privacy- en Cookieverklaring verwerkt. Uitschrijven kan onderaan iedere nieuwsbrief die u van ons ontvangt.